Menu

De 5 duurzaamheidsuitdagingen voor woningcorporaties

13 augustus 14:44 in De wijk van morgen

Als gevolg van de klimaatovereenkomsten staan woningcorporaties de komende jaren voor grote uitdagingen om hun woningvoorraad voor 2050 te verduurzamen. De huidige renovatie oplossingen zoals Nul op de Meter en andere initiatieven zijn veel te duur en kunnen de benodigde capaciteit niet aan. Dat maakt de overgang bijna onmogelijk. Toch moeten ze hun huurders goede en betaalbare huizen kunnen blijven aanbieden. Huizen die CO2-neutraal zijn. Wat zijn de uitdagingen waar woningcorporaties mee worstelen en wat zijn de oplossingen voor het probleem?



1. Met de huidige aanpak kunnen huurders hun energiekosten en huur niet meer opbrengen.

Door de stijgende energiekosten komen steeds meer huurders in de problemen om hun huur te betalen. In heel Europa is energie armoede een probleem. Tussen de 50 en 125 miljoen mensen kunnen zich geen goed binnenklimaat in hun huizen veroorloven. Er is geen Europese definitie voor dit fenomeen, maar veel landen zijn zich bewust van dit sociaal-economisch probleem en de negatieve gevolgen ervan voor de gezondheid en het risico op sociaal isolement. Hoe kunnen we dit voorkomen?

 

2. De huidige aanpak maakt de benodigde investeringen te groot.

In stedelijke gebieden is een tekort aan sociale huisvesting. Het aantal één- en tweepersoons huishoudens blijft de komende decennia stijgen. Daarnaast worden mensen gestimuleerd om zo lang mogelijk zelfstandig te blijven wonen. Dat betekent dat er de komende jaren flink moet worden bijgebouwd. Dat wordt vanuit de overheid ook opgelegd. Tegelijkertijd moeten bestaande huizen worden verduurzaamd. Dat maakt de investeringstaak enorm. Vandaar dat overheden moeten bijdragen. In Nederland moeten bijvoorbeeld 100.000 woningen van het gas af. De overheid draagt 500 miljoen euro bij aan de miljarden die woningcorporaties hierin investeren. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat er zowel duurzame renovaties als nieuwbouw gerealiseerd worden?  

 

3. De huidige projectmatige manier van werken leidt niet tot de grote omslag.

Woningcorporaties werken met een gefaseerde aanpak die tot het zogenaamde 'lock-in-effect’ leidt. Dat wil zeggen dat er voortdurend maatregelen en aanpassingen worden gestapeld, terwijl het goedkoper en efficiënter is om de transitie in één keer voor langere tijd te maken. De bestaande infrastructuur voor gas en electriciteit moet ondertussen namelijk ook worden gehandhaafd. De fossiele afhankelijkheid blijft daardoor onaanvaardbaar groot.

De renovatiekosten zijn zo hoog dat zelfs met inbegrip van de Energy Performance Compensatie (EPV) er geen lucratief business model mogelijk is. Dit vraagt om standaardisatie van renovatie oplossingen en -pakketten. Daarvoor is het nodig dat corporaties bereid zijn gezamenlijk op zoek te gaan naar investeerders en te investeren in productontwikkeling, productiefaciliteiten en industrialisatie. Dat is de enige manier om tot lagere kosten en betere producten te komen. Hoe bundelen we de krachten voor het bereiken van de klimaatakkoorden?

 

4. Er is een groot tekort aan arbeidskrachten.

De bouw heeft te maken met een ernstig tekort aan arbeidskrachten dat de komende jaren alleen nog maar zal toenemen. Voor de traditionele manieren van bouwen zijn nog steeds duizenden handjes op de bouwplaats nodig. Deze werknemers zijn nu al moeilijk te vinden. Vandaar dat we op zoek moeten naar innovatieve manieren om het werk te kunnen doen. Dat betekent dat we naar meer gestandaardiseerde manieren van productie en renovatie toe moeten. Hoe gaan we dat doen?

 

5. Projectmatig werken leidt niet tot de vereiste massaproductie.

Woningcorporaties werken projectmatig wat te duur is en te kleinschalig. Om dit te veranderen moeten ze een andere rol als klant gaan innemen. Niet meer voor ieder project met aanbestedingen en eigen programma's van eisen. Maar groter durven denken in bouwstromen in plaats van projectstromen. Dat betekent meer samenwerking met andere woningcorporaties en investeren in meerjarige trajecten. Hierdoor worden de transactiekosten aanzienlijk verlaagd en kunnen ontwikkelingen met partners worden gedeeld met als uiteindelijk effect lagere prijzen en meer efficiëntie. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat woningcorporaties bereid zijn om over hun eigen grenzen heen te kijken?

 

Oplossing: de INDU-Zero aanpak!

De Interreg North Sea Region biedt de oplossing voor al deze uitdagingen, namelijk: INDU-ZERO. Het project INDU-ZERO, dat mede door de Europese Unie wordt gefinancierd, is een samenwerkingsverband van 6 landen (Nederland, België, Duitsland, Zweden, het Verenigd Koninkrijk en Noorwegen) met lokale overheden, onderwijsinstellingen en industrie als partner. INDU-ZERO gaat een blauwdruk ontwerpen voor een fabriek die de renovatie pakketten kan produceren tegen de helft van de kosten en de capaciteit kan verhogen tot 15.000 pakketten per jaar. Deze innovatieve fabriek worden na afronding van het project (2021) in de verschillende deelnemende landen gebouwd en gaan ervoor zorgen dat de klimaatdoelstellingen gehaald kunnen worden. Klinkt goed toch? Maar het vraagt om lef om in te stappen en mee te doen. Doet u mee? Volg INDU-ZERO en denk mee in de oplossingen voor de toekomst!

Bron: northseablog.eu

Auteur: Ulla-Britt Kraemer and Rutger Vrielink

Foto: Ulla-Britt Kraemer and Rutger Vrielink

Bekijk grote versie van deze afbeelding

0 reacties