Menu

Nieuw kantoorgebouw Triodos Bank is circulair in al zijn facetten

11 september 15:05 in De wijk van morgen

Het nieuwe kantoorgebouw van Triodos Bank in het Nederlandse Zeist in in al zijn facetten circulair te noemen. Het bestaat uit circulaire materialen en verbindingen, werd circulair ontworpen en ook de ligging is circulair. Triodos Bank wil met de nieuwe vestiging dan ook een katalyserende rol spelen in de transitie naar circulair bouwen. Tijdens een rondleiding legden verschillende gastsprekers daarom nog eens haarfijn uit wat circulair bouwen nu precies inhoudt. Een uiteenzetting die wij, in het licht van onze nieuwe website circubuild.be die dit najaar online gaat, graag nog eens samenvatten.

Niet alle aanwezigen hadden al evenveel notie van het begrip circulair bouwen. Toch luisterden ook zij die er wel al goed van op de hoogte zijn of er zelfs dagelijks professioneel mee bezig zijn, even aandachtig als de leken. De uiteenzetting door verschillende gastsprekers, bood immers ook een overzicht van hoever we vandaag al staan op het vlak van circulair bouwen en een stand van zaken is altijd interessant. Daarom delen wij de meest interessante bevindingen van de namiddag graag op architectura.be. Nog eens herhalen wat circulair bouwen precies inhoudt, is ook interessant in het licht van onze nieuwe website circubuild.be, die die najaar online gaat. Die website is deel van een totaalproject waarmee we professionals willen stimuleren liever vandaag dan morgen met circulair bouwen te beginnen. 


Tientallen definities

Circulair bouwen is dezer dagen zo’n hot begrip, dat er tientallen definities van bestaan. Dat is niet verwonderlijk, want het probleem zit hem eigenlijk al in de term zelf. Circulair bouwen gaat immers niet enkel over het bouwproces, maar ook over de ontwerpfase en de manier waarop je een gebouw gebruikt of exploiteert en zelfs financiert. Al die zaken moeten worden meegenomen in de definitie, maar dat gebeurt niet altijd (helemaal), waardoor onvolledige begripsomschrijvingen welig tieren.


Kringlopen sluiten

Het loont de moeite eens te kijken waar het principe vandaan komt, want eigenlijk is het een specifieke toepassing van een veel grotere mindshift die zich de laatste jaren ontwikkeld heeft binnen de economie. Als antwoord op de alsmaar sneller toenemende luchtverontreiniging, CO2-uitstoot, opwarming van de aarde en uitputting van natuurlijke grondstoffen, ontstond het idee van de circulaire economie. In dat economisch model, dat lijnrecht tegenover de lineaire of wegwerpeconomie staat, worden grondstoffen, materialen en producten nooit meer weggegooid, maar steeds opnieuw gebruikt. Het is een economie die idealiter zonder nieuwe, virgin, grondstoffen werkt en dus geen afval produceert, want afval is gewoon nieuwe grondstof, telkens opnieuw. Dat kan door recycling, refurbishment, of zelfs upcycling, waarbij de gerecycleerde grondstof een hogere waarde bezit dan de oorspronkelijke grondstof. De kringloop wordt met andere woorden gesloten. Bij de circulaire economie horen ook nieuwe businessmodellen en een andere manier van samenwerken en relaties met klanten onderhouden.


Product as a service

De evolutie naar een circulaire economie heeft logischerwijs ook zijn weerslag op de bouwsector. Die is wereldwijd immers verantwoordelijk voor 40% van het geproduceerde afval. En hoewel de gebouwde omgeving de laatste jaren minder CO2 uitstoot, is de bouwsector zelf, door de productie van bouwmaterialen en het aan de sector gerelateerde transport, verantwoordelijk voor aan aanzienlijke percentage van de wereldwijde CO2-uitstoot. Ook voor gebouwen betekent circulair dat de grondstoffen- en materialenkringloop voor altijd gesloten worden. Het spreekt voor zich dat de gebruikte materialen idealiter ook zo duurzaam mogelijk en daarom liefst biobased zijn, zoals hout, dat geen schadelijke stoffen bevat en, indien afkomstig uit een duurzaam beheerd bos, hernieuwbaar is. Maar circulair bouwen gaat nog verder dan louter het hergebruiken van grondstoffen en materialen: hetzelfde geldt voor energie, water, voeding… Dat vraagt natuurlijk ook in de bouwsector om een andere denk- en werkwijze. Zo wil men producenten niet langer alleen maar verantwoordelijk maken voor het leveren van materialen, maar ook voor het terughalen ervan na gebruik. Vanuit die optiek ontstond bijvoorbeeld het concept ‘product as a service’, waarbij je als eindgebruiker niet langer een product koopt, zoals een boiler, armaturen of een inboedel, maar de prestatie van de dienst afneemt, respectievelijk warmte, energie of kantoormeubilair. Verschillende initiatieven, zoals de Vlaamse Green Deal Circulair Aankopen, moeten hierin gekaderd worden.
 

Materiaalpaspoorten

Als we onderdelen van gebouwen opnieuw willen gebruiken, is het ook belangrijk dat we goed weten welke herbruikbare materialen en producten allemaal in het gebouw verwerkt zitten. Vandaag krijgen die onderdelen daarom steeds vaker een materiaalpaspoort om zo hun terugname en hergebruik te faciliteren. Digitalisering speelt daarin een belangrijke rol. Het platform Madaster bijvoorbeeld, fungeert als bibliotheek en generator voor materiaalpaspoorten. Het summum is natuurlijk een gebouw helemaal demontabel maken, zodat het als het ware fungeert als een materialenbank. Een absolute voorwaarde voor demontabel bouwen is wel dat de verschillende materialen zo zuiver mogelijk blijven. Dat doe je door de onderdelen niet door middel van lijm, kitten, cement of PUR met elkaar te verbinden, maar door gebruik te maken van omkeerbare schroef- en kliksystemen, die ook makkelijk bereikbaar zijn. Het spreekt voor zich dat dat voor projectontwikkelaars interessante perspectieven biedt. Als een kleuter die met dezelfde LEGO-blokjes telkens nieuwe bouwwerkjes maakt, zouden zij met echte bouwmaterialen telkens nieuwe projecten kunnen realiseren.
 

Veranderingsgericht bouwen

Circulair bouwen wordt vaak ook in één adem genoemd met veranderingsgericht bouwen. Velen zien er zelfs een synoniem in. Maar dat klopt niet. Veranderingsgericht bouwen is, naast het sluiten van de product- en materialenkringloop, een tweede noodzakelijk principe binnen circulair bouwen en houdt in dat een gebouw zo ontworpen wordt dat het flexibel kan worden ingezet, en op die manier de levensduur ervan eigenlijk gewaarborgd is. Een concreet voorbeeld: een projectontwikkelaar werkt voor een kantoorgebouw meestal met een termijn van 15 of 20 jaar. Daarna heeft het gebouw voor hem geen enkele waarde meer, heeft hij er genoeg aan verdiend. Vaak gebeurt het dan dat het gebouw verloedert, omdat het voor een nieuwe huurder verouderd is. Wanneer daar echter reeds in de ontwerpfase rekening mee gehouden wordt, kan dat probleem voorkomen worden. Door binnenmuren bijvoorbeeld demontabel en zo makkelijk verplaatsbaar te maken of stopcontacten en leidingen zo te plaatsen dat het kantoorgebouw later misschien een woonfunctie kan krijgen, verleng je de levensduur van een gebouw aanzienlijk en blijft het gebouw voor de projectontwikkelaar veel langer economisch interessant.


Nieuw kantoorgebouw is 100% demontabel

Het nieuwe hoofdkantoor van Triodos Bank in het Nederlandse Zeist is een goed voorbeeld van circulair bouwen. Het is in al zijn facetten circulair en duurzaam te noemen. Het gebouw is immers 100% demontabel. Het werd ontworpen als een materialendepot en kan perfect worden afgebroken en elders opnieuw worden heropgebouwd. De structuur van het gebouw bestaat voor 90% uit hout. Zelfs de liftkoker is uitgevoerd in hout, iets wat bijna niemand voor mogelijk achtte. De constructie wordt bij elkaar gehouden met 165.000 schroeven en bouten, nergens werden onderdelen verkleefd. Alle bevestigingen en verbindingen zijn ook makkelijk toegankelijk. Het gebouw heeft een houten droogvloersysteem en de binnenmuren kunnen naar believen worden verschoven. Het hele gebouw is geregistreerd in Madaster, zodat het nieuw hoofdkwartier van Triodos Bank het enige gebouw ter wereld is waarvan de gehele materiaalwaarde op elk moment exact kan bepaald worden.
 

Duurzame inplanting in omgeving

Duurzaamheid heeft niet alleen te maken met de materialen in en de aanpasbaarheid van de functie van een gebouw, maar ook met de ligging van dat gebouw. Het nieuwe kantoor werd optimaal ingepast op Landgoed De Reehorst, dat wordt ontwikkeld volgens de visie dat natuur, cultuur en economie met elkaar in balans zijn. Bij aanvang van de ontwerpfase zijn verschillende onderzoeken uitgevoerd op het gebied van ecologie, cultuurhistorie, archeologie, bomen, water en verkeer. De uitkomsten van deze onderzoeken werden meegenomen in het uiteindelijke ontwerp. Zo is bij het bepalen van de plaats van het nieuwe kantoorgebouw rekening gehouden met de vliegroutes van vleermuizen op het landgoed door een minimale afstand van tien meter tot de bosrand aan te houden, werd de hoogte van het gebouw beperkt tot 25 meter, rekening houdend met de boomgrenzen in de directe omgeving en ligt het gebouw op slechts enkele minuten lopen van het station van Driebergen-Zeist, zodat gebruik van het openbaar vervoer op z’n minst wordt gestimuleerd.
 

Gevels in glas zorgen voor een optimale daglichttoetreding en zorgen in combinatie met groendaken voor een sterke relatie met het landschap. De aanwezige fauna en flora op het landgoed werd in kaart gebracht door een gekwalificeerd ecologisch toezichthouder. Per bouwactiviteit werd in afstemming met de landschapsarchitecten van Arcadis een aanbeveling gedaan in relatie met de behoeften vanuit de aanwezige fauna en flora. De vegetatie die plaats moest maken, werd verplaatst of elders gecompenseerd. Het hout van de gekapte bomen werd op de een of andere manier hergebruikt in het gebouw.

Bron: www.architectura.be

Auteur: Wouter Polspoel

Datum: 27 augustus 2019

Bekijk grote versie van deze afbeelding

0 reacties