Menu

Bouwheer

“De bouwsector staat op zijn kop. Fantastische nieuwe projecten en business modellen veranderen de manier waarop de gebouwde omgeving gestalte krijgt.” [“Samenwerking en Duurzame Innovatie in de Bouw”, TNO rapport 2012]

De wijk van morgen wordt nú gebouwd. Inspiratie, innovatie, kruisbestuiving en samenwerking worden steeds belangrijker in de transitie naar een nieuwe economie, naar een duurzame samenleving. Ook in de bouw en renovatie-sector biedt duurzaamheid de kans om voorsprong te realiseren. Overal om ons heen gebeurt het al en de goede voorbeelden zijn legio. Ondanks dat, zijn er nog veel knelpunten en weerstanden die de opschaling en doorstroming tegenhouden. Deze knelpunten zijn terug te vinden in elke evaluatie en rapport van het WTCB (BE) en het TNO (NL) en vanuit de Kempense bouwsector hebben we het initiatief genomen om deze knelpunten aan te pakken.

Wat betekent “De Wijk van Morgen”? Wat is het doel ervan?

De visie De Wijk van Morgen bestaat uit een aantal pijlers: (1) de antennefunctie, (2) de community, (3) de cafés en andere netwerk momenten, (4) de inspiratiereizen en (5) het platform oftewel de website. Het doel is het laten stromen van informatie en kennis, om daarmee van elkaar te leren en geïnspireerd te raken. Door met gelijken te babbelen (zoals je in een café zou doen) over zaken die je bezighouden, kom je op ideeën en tot bijzondere samenwerkingen. Voeg hier externe inspiratie (de antennefunctie) aan toe en een heel breed netwerk van stakeholders (de community) kunnen we daadwerkelijk tot nieuwe ontwikkelingen komen. Het bekende 1+1=3 effect, of 4, 5, …

De antennefunctie wordt niet alleen door de cleantech antenne voor de bouwsector (Kamp C) ingevuld, maar door het hele netwerk van cleantech antennes, de Kempische Innovatieraad (KIR) met al haar individuele actoren, de Innovatiecentra, hogescholen, universiteiten en kenniscentra, maar met name door de bouwbedrijven, de architecten en ingenieurs en de bedrijven die nieuwe technieken, technologieën en producten bedenken. Door ieders input kunnen ervoor zorgen dat de bouwsector in Vlaanderen collectief stappen vooruit gaat maken en zich daarmee kan onderscheiden van de andere regio’s. Niet ieder voor zich, maar samen met onverwachte partners nieuwe topics aanboren, clusters vormen om de ontwikkeling te versnellen. De ontwikkelingen die het onderscheid gaan maken in de toekomst.

   Peter-Paul van den Berg
   Directeur Kamp C
   Center for Sustainability & Cleantech

Knelpunten in de bouw

Knelpunten zoals vermeld in het TNO rapport “Samenwerking en Duurzame Innovatie in de Bouw” (klik voor het gehele rapport als pdf):

• Kennis is beperkt en wordt onvoldoende verspreid

Het algemene kennis en opleidingsniveau in de bouw is relatief laag, en de kennis benodigd voor het toepassen van is hoog en specialistisch. De uitwisseling van specialistische kennis tussen bouw- en installatie bedrijven benodigd voor goede toepassing van duurzame (energie)innovaties is vaak beperkt (Lindt and Elkhuizen 2008, Sandick & Oostra, 2009).

• Fragmentatie en een gebrek aan coördinatie

Projecten zijn vaak uniek (projectmatig, eenmalig, locatie gebonden) en worden door steeds verschillende partijen uitgevoerd. Dit maakt de aansturing moeilijk en coördinatie complex. Omdat een formele hiërarchie ontbreekt bepaalt de kwaliteit van de samenwerking, de kwaliteit van het eindresultaat. Dit vereist excellente management kwaliteiten, terwijl managers in de bouw juist vaak ingenieurs zijn (Noordehaven et al 2006).

• Gebrek van leren over projecten heen bemoeilijkt diffusie van innovatie

Door de uniciteit van projecten en eenmaligheid van samenwerkingsrelaties, blijft de toepassing van innovaties vaak ook steken bij eenmalige toepassing. Voor andere projecten worden weer andere oplossingen gezocht, en zo wordt het opschalen van innovatie bemoeilijkt (Noorderhaven et al. 2006).

• Wantrouwen tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers

Wantrouwen tussen opdrachtgever- en nemer hangt samen met het gebrek aan transparantie in de gunning van opdrachten wat leidt tot slechte werkverhoudingen, niet creatief met elkaar mee willen denken en niet gezamenlijk werken aan het zoeken naar innovatieve oplossingen (Noorderhaven et al., 2006).

• De cultuur is conservatief en wordt gedomineerd door de gevestigde orde

Waar consumenten producten korte levenscycli hebben en deze industrieën ook gedomineerd worden door innovatieve bedrijven met veel ruimte voor creativiteit en leren, wordt in de bouw gebouwd voor vele jaren en is degelijkheid en tijdloosheid van groot belang. Dit heeft geleid dit bedrijfsculturen waar traag wordt gereageerd op veranderingen en waar innovatie niet tot de kern van de bedrijfsvoering hoort (Noorderhaven 2007).

• Claimcultuur leidt tot risicomijdend gedrag

Naast conservatief zijn bedrijven ook risicomijdend wat innovatie verder in de weg staat. Dit is omdat de kosten van falende constructies of installaties zeer kostbaar en mogelijk gevaarlijk zijn (denk aan instortgevaar, lekkages etc.) en dit wordt vertrekt door de claim cultuur. Om deze redenen worden met name beproefde technologieën toegepast en worden nieuwe (energie) technologieën alleen maar toegepast als antwoord op een expliciete klantvraag (Lindt & Elkhuizen, 2008).

• Projectsamenwerking is nodig maar elkaar begrijpen moeilijk

Voor ieder bouwproject is een grote diversiteit aan partijen nodig die allen een andere focus, achtergrond en cultuur hebben. Architecten, projectontwikkelaars, grote bouwbedrijven, kleine installateurs … alle partijen hebben andere opleidingen, andere kennis, en een andere kijk op het project.